Month: August 2015

Zware Metalen reviews

DIRK SERRIES & RUTGER ZUYDERVELT – BUOYANT (LP/CD, Consouling Sounds)

“Dirk Serries, een fenomeen in de Belgische ambientscene, Rutger Zuydervelt is dan weer een Rotterdammer die we beter kennen als de lagetoon-kunstenaar Machinefabriek. Dat de twee elkaar vonden is geen toeval, en dat ze resideren op ConSouling Sounds, dat is haast een evidentie. Vier nummers lang doen ze aan synthese en osmose, met geluiden.

Elektroakoestische muziek, stond ergens te lezen, en dat is een noemer die de lading wel dekt van dit rustgevende en droomwereldlijke plaatje vol cinematografische soundscapes waar zelfs een overbezorgde stresskip haar kuikens even los zou laten lopen in de groene vallei. Kleine bronnen van brommend water ontspringen her en der in een haast feeëriek klinkend spel van avantgarde ambient en speelse drones. Mooi, zonder in superlatieven te vervallen. Onmogelijk trouwens om dit te quoteren, daar is de mood- en mindset van het moment veel te bepalend voor. Mij bereikt de resonantie in ieder geval wel, zo rond 23:00.” Zware Metalen – The Netherlands

Textura Reviews

DIRK SERRIES – UNSEEN DESCENDING AND LAMENTATIONS (LP/CD, Consouling Sounds 2015)
DIRK SERRIES & RUTGER ZUYDERVELT – BUOYANT (LP/CD, Consouling Sounds 2015)

“Dirk Serries adds to an ever-expanding discography with two fine releases, one a solo set and the other a collaboration with Rutger Zuydervelt (aka Machinefabriek), a kindred ambient-soundscaping experimentalist who’s output is as prodigious. Without wishing to take anything away from Zuydervelt, Buoyant is fundamentally Serries’ show, given that it’s his guitar work that is the core element. Having said that, his partner does much to turn Buoyant into something dramatically unlike a pure solo Serries recording.

Presented in four parts ranging from eight to fourteen minutes each, the material is consistent with the meditative soundscaping style Serries has been bringing to a new level of refinement for many years. For his part, Zuydervelt adopts the role of interventionist and colourist, his focus being to modify the guitarist’s expressions using effects and processing without altering it to such a degree that Serries’ playing loses its identifiable character. Some additions are relatively startling—the appearance of a restrained percussive pulse alongside the guitarist’s textural washes during “Buoyant Two: The Whispering Scale” is not something one typically encounters in a Serries cut, for example—whereas others verge on subliminal. “Buoyant Four: The Dissection” exemplifies the latter in ornamenting Serries’ long-form tendrils with warbles, sonar blips, and smears.

But even when Zuydervelt’s treatments are at their most plentiful, the guitarist’s signature sound is still present and accounted for. A case in point is “Buoyant Three: Unraveled Blanket,” where nebulous masses smolder, heave, and convulse so dramatically they threaten to obliterate the guitar altogether. Yet despite the dominance of those billowing textures, they never extinguish the axe completely, and the track ends up an evenly matched tug-of-war between the various elements. Heavily atmospheric, Buoyant‘s material appears restful and becalmed, yet tension simmers just below the surface to suggest turbulence is never too far away.

With two twenty-minute pieces featured, Serries’ Unseen Descending And Lamentations seems perfectly tailored for a vinyl presentation, yet plays satisfyingly in a CD format, too. The release includes few recording details aside from crediting Serries with “all instruments” and indicating that the recording was made in October 2014, so whatever impressions one develops must come from the music itself. Certainly it’s a little bit tempting to draw a comparison between this recording and Robert Fripp’s soundscapes releases, especially when the church facade on the cover of Unseen Descending And Lamentations calls to mind Fripp’s At the End of Time: Churchscapes, Live in England & Estonia, 2006. Yet while Serries has no doubt drawn inspiration from his legendary counterpart, Serries’ shimmering sound shares little with Fripp’s e-bow-like swoop.

The two pieces—prosaically titled “Part One” and “Part Two”—are classic Serries: slow-burning, long-form meditations of multi-layered density that unfold organically. They build slowly, swelling in mass as they do so, until a summit is reached; following that, an equally controlled decompression sets in until the material retreats into silence. The press release indicates that Serries augmented his guitar work on the recording with Fender Rhodes and violin, and sure enough they’re clearly audible (the violin especially) in the second setting, which swells to a raw and curdling yet nevertheless controlled howl. Still, he’s developed such a characteristic way of shaping his material that it operates less as a gathering of distinct individual elements than as a total sound mass, and consequently “Part Two,” though it is admittedly the more dynamic of the two pieces on the release, ends up fitting cozily alongside other purely guitar-generated settings in his repertoire.” Textura – Canada

The Music Fix reviews

Dirk Serries – Disorientation Flow (CD, Projekt Records 2015)

“Enthralling and engulfing, it is a delight to hear one of the genre’s masters return at last. Continuing his return to the gentle flowing soundscapes of his formative years, Disorientation Flow [7] is another fine example of the wonder Dirk Serries can conjure. An easy, relaxing drift to the five pieces surround and embrace the listener, a shade of sadness heightening the warmth of the aural hug. Deliberately eschewing volatility, this is for the darkest moments of the night, an escape from reality.” The Music Fix – UK

spinning plates : after heat

Thee Silver Mountain Reveries – Pretty Little Lightning Paw (LP, Constellation 2004)
Mekanik Kommando – Do (LP, Tonefloat 2015)
Evan Parker/Derek Bailey/Han Bennink – The Topography Of The Lungs (LP, Otoroku 2014 reissue)
Joy Division – Still (2xLP, Factory Records 2015 reissue)
Okkyung Lee/Chris Corsano/Bill Nace – Live At Stone (LP, Open Mouth 2014)
Derek Bailey – Concert In Milwaukee : Solo Guitar (CD, Incus 2011 reissue)
Alessandro Cortini – Risveglio (2xLP, Hospital 2015)

Draai Om Je Oren reviews

THE VOID OF EXPANSION – Ashes And Blues (LP, Tonefloat’s New Wave Of Jazz 2014)
DIKEMAN/SERRIES – Cult Exposure (LP, Tonefloat’s New Wave Of Jazz 2015)

“The Void of Expansion, het duo van gitarist Dirk Serries en slagwerker Tomas Järmyr, ontstond in de slipstream van hun gezamenlijke project Yodok III, gevormd in 2013 (met naast Serries en Järmyr ook Kristoffer Lo op tuba). Na twee concerten in Kortrijk (13-02) en Rijkevorsel (14-02) dook het gezelschap op 15 februari in Brussel de studio in en leverde ‘Ashes And Blues’ af. In het openingsnummer ‘Paradox’ begint Serries met sterk vervormd gitaarspel, als een naderende onweersbui bouwt hij zijn melodie op. Op de achtergrond horen we Järmyr zijn eerste roffels geven en zijn bekkens beroeren. Terwijl het slagwerk in kracht toeneemt, begint het gitaarspel van Serries steeds meer op een ontregelde machine te lijken. En dan valt het geheel vrijwel stil en in hemelse klanken gaat het over in ‘Demper’, dat even verstild aanvangt, waarbij de klank van de gitaar iedere keer héél kort wordt onderbroken, als een flakkerende kaars. Het geeft iets onwezenlijks aan het nummer. Overigens loopt ook hier de spanning geleidelijk op, mede door Serries gruizige gitaarspel. Maar ook Järmyr laat zich hier niet onbetuigd en grossiert in dreunende roffels, een muur van geluid optrekkend. In ‘Consecration’ klinkt Serries’ gitaarspel aanvankelijk lichter, transparanter en contrasteert zo goed met Järmyr’s redelijk duister klinkende slagwerk. Halverwege schakelt Serries echter zijn klankkastje weer in en laat zijn gitaar naar hartenlust gieren en janken. Als een alles verzengende vuurzee raast het duo voort, om even zo onverwachts de verstilling terug te laten keren.

Tijdens het concert een dag later, 16 februari, in Veghel, schuift John Dikeman aan bij het duo. Deze samenwerking leidt later dat jaar tot de opnames die dit jaar uitkwamen onder de titel ‘Cult Exposure’. ‘The Monolith Song’ begint met een voor John Dikeman kenmerkende solo: intens, rauw en overrompelend en tegelijkertijd intiem en fragiel. Serries komt erbij met een aantal sterk overstuurde gitaaraanslagen, de dramatische uithalen van Dikeman als het ware inkaderend. In het titelnummer gebruikt Serries distortion, waarbij de muziek – net als in ‘Consecration’ op het album van The Void Of Expansion – klinkt als een flakkerende kaars. Alleen is het hier experimenteler, het effect extremer. Maar het past Dikeman als kader uitstekend. Met heftig, springerig saxspel gaat hij de uitdaging aan. Het levert een levendig duet op, waarbij beide musici laten horen aan elkaar gewaagd te zijn.

‘Whisper Edge’ doet denken aan de stijl waarmee Serries bekend is geworden: ambient. Gelijkmatige klankgolven uit Serries’ gitaar worden subtiel ondersteund door knisperend saxspel van Dikeman. Zoveel subtiliteit en intensiteit verrast na twee behoorlijk intensieve nummers op kant A. De drone die Serries verderop in het nummer produceert, inspireert Dikeman tot een solo die door merg en been gaat. Schel, scherp, klagelijk en ongenaakbaar.” Draai Om je Oren – The Netherlands

DISORIENTATION FLOW

“Sculpted in real time out of processed guitar, the five tracks that make up Dirk Serries’ Disorientation Flow are rich and warm, waves in constant ebb and flow. Serries’ time-slowing style, coaxing notes and emotion patiently out of his instrument, creates an overall atmosphere that almost demands low-volume looping, but break out the headphones first. Up close, you can peer into the way he lays down strands of sound and weaves them together. Then, take the buds out of your ears and play it at higher volume to get a nice tactile hit from the resonance of the guitar layers. Although it’s quite like classic rise-and-fall ambient there’s a distinct, drawn-out sense of melody and harmony at work, combine that with a sort of minimalist structure of repeated phrases that slowly shift over time. These five mid-length tracks, covering just over an hour, don’t vary much in approach or construct, but the sameness never becomes a concern because they’re all so immersive and rich. If it wasn’t for the pause between tracks, you’d never really feel the shift–and that’s not a bad thing. In fact, the quiet between songs becomes a listening moment itself, waiting for the next notes to rise and form. This is a release to put on loop and just let it go for several hours, maybe a day…two… It’s deceptively simple sounding on the surface, but as you go deeper into it, it gives up its sonic truths and shows a lot of thought, heart, and soul. Superb work from Serries, as Always.” Hypnagogue – USA